Kunnen wij wat WeChat kan?

... minuten lezen luister

20 juni 2017

Misschien herinner je je nog het artikel van ING over WeChat en hoe dat Azië stormenderhand heeft veroverd. Met bijna een miljard gebruikers die chatten, eten bestellen of rekeningen betalen, is WeChat het bewijs dat China voorop loopt met zogenoemde "platform-ecosystemen" (simpel gezegd, een ecosysteem dat bestaat uit verschillende platforms).

Stel nu eens dat ING één enkel financieel platform had, voor betalingen en andere financiële producten en diensten? Dat toegang biedt tot andere platforms, zodat we onderdeel worden van andere ecosystemen wereldwijd?

Sterker nog: wat als ING voorop zou kunnen lopen bij de ontwikkeling van één ecosysteem, dat andere financiële platforms met elkaar verbindt en zo klanten één digitale ING-wereld biedt, met persoonlijke inzichten en productaanbiedingen, de place to be voor alle geldzaken en meer?

Allemaal spannende vooruitzichten, waar ING graag bij betrokken wil zijn. Maar hoe? Vier antwoorden.

1. Onze visie: digitaal en persoonlijk

Het begint met een visie. De toekomst voor de financiële sector is niet alleen digitaal, die is ook persoonlijk. Het platform van ING moet naadloos, en grenzeloos, aansluiten en onze klanten wereldwijd eenzelfde ING-ervaring bieden. Er moet een connectie zijn met andere digitale ecosystemen en mensen in contact brengen met bedrijven, kopers met verkopers, mensen met hun dromen. En we willen dat ons platform gebruikers kan leren wat de gevolgen zijn van hun uitgaven en hen kan helpen hun financiële doelen te bereiken.

2. ING zit er middenin

ING's platform-ambities zijn direct gekoppeld aan onze strategie - het innovatietempo versnellen, verder kijken dan traditioneel bankieren alleen en analytische vaardigheden ontwikkelen zodat we onze klanten beter leren begrijpen. ING investeert 800 miljoen euro in deze digitale transformatie.
Dat geld gaat bijvoorbeeld naar projecten die ervoor moeten zorgen dat ING als één, geïntegreerde onderneming functioneert, met dezelfde, schaalbare IT-infrastructuur en dezelfde producten en diensten wereldwijd.

En ING ontwikkelt verschillende platforms, alleen of met andere bedrijven, zoals Yolt, Payconiq, Easy Trading Connect en Inside Business. Er is een Innovatiefonds beschikbaar van 25 miljoen euro, uitsluitend bedoeld om sneller met baanbrekende ideeën te komen. Verder zijn er de ongeveer 90 fintech-samenwerkingen en alle initiatieven die voortvloeien uit bijvoorveeld de Innovation Bootcamp en de wereldwijde Hackathon. En dit is nog maar het topje van de ijsberg.

3. Hard werken aan de basis

Belangrijk bij het opzetten van een platform is dat de basis er al ligt. Dat gebruik wordt gemaakt van de juiste architectuur met open API's (application programming interfaces die met elkaar kunnen communiceren) en wereldwijde IT-systemen. ING is hiermee al goed op weg, en uiteindelijk zal dit voor een betere klantbeleving zorgen en ons in staat stellen sneller nieuwe producten op de markt te brengen.

Open banking, waarbij delen en leveren belangrijker is dan bezitten, is eveneens essentieel voor de ontwikkeling van dit platform. Niet alleen vanwege de aanstaande introductie van PSD2 (wat betekent dat banken zich open moeten stellen voor derden), maar ook omdat ING dit als een model voor de toekomst beschouwt. Dit houdt ook in dat er een link komt tussen producten van ING met derden, en vice versa.

4. Alles draait om data

Volgens Kim Verhaaf van ING kunnen bedrijven dankzij geavanceerde analyse (advanced analytics) klanten echt persoonlijke service bieden – en daar wordt de relatie met de klant alleen maar beter van.

"Bedrijven die uitblinken in databeheer en analytische vaardigheden lopen voorop in de veranderingen die we om ons heen zien. Zonder dit zouden Uber, Airbnb of zelf Google niet eens bestaan", aldus Verhaaf.

De data hebben we, en ook de wil om deze data in te zetten om klanten beter te helpen. ¬¬We doen het al sinds de oprichting van de online-activiteiten van ING Direct 20 jaar geleden.

"We hebben kennis van betalingstechnieken, betaalgedrag, beveiliging en fraude. In de toekomst kunnen en willen we samenwerken met andere ecosystemen en netwerken. Om van elkaar te leren en onszelf steeds te verbeteren”, aldus Verhaaf.

Gerelateerde artikelen

Terug naar boven